Reglement clubrecords

REGLEMENT CLUBRECORDS AV CASTRICUM (versie 2.0 jan 2017)

Vooralsnog handelt dit reglement alleen over baanwedstrijden

1. Wie kunnen clubrecords vestigen

1.1. Alleen leden van AV Castricum die in het bezit zijn van een wedstrijdlicentie van
de Atletiekunie of van een andere bij de IAAF aangesloten bond kunnen clubrecords vestigen.
1.2. Clubrecords kunnen worden gevestigd in de eigen leeftijd- en geslachtscategorie, met het bij de betreffende categorie behorend materiaal.
1.3. Junioren kunnen clubrecords vestigen in een hogere leeftijdscategorie op voorwaarde dat, indien van toepassing, is gelopen over horden of is geworpen met materialen die voor de betreffende hogere leeftijdscategorie gelden.

2. Onderdelen waarop clubrecords kunnen worden gevestigd

2.1. Clubrecords kunnen worden gevestigd op onderdelen die zijn opgenomen in bijlage 1 (Aanbevolen wedstrijdprogramma) van het wedstrijdreglement 2016-2017 van de Atletiekunie*.
2.2. Voor pupillen gelden de onderdelen als opgenomen in bijlage 3 (Aanvullende regels voor ‘klassieke’ pupillenwedstrijden) van genoemd wedstrijdreglement*.
2.3. Clubrecords kunnen worden gevestigd op onderdelen waaraan tegelijk meisjes/vrouwen en jongens/mannen deelnemen.

3. Wedstrijden waarin clubrecords kunnen worden gevestigd

3.1. Clubrecords kunnen worden gevestigd tijdens wedstrijden georganiseerd onder auspiciën van de Atletiekunie of van een andere bij de IAAF of de WMA aangesloten organisatie. Ook tijdens door AV Castricum georganiseerde onderlinge wedstrijden, waaronder Trainingspakkenwedstrijden en Clubkampioenschappen, kunnen clubrecords worden gevestigd op voorwaarde dat de prestatie is geleverd tijdens een betrouwbare en naar behoren georganiseerde wedstrijd.
3.2. Aan individuele onderdelen moeten ten minste drie atleten en aan estafettes ten minste twee ploegen te goeder trouw hebben deelgenomen.

4. Voorwaarden waaraan prestaties moeten voldoen om voor erkenning als clubrecord in aanmerking te komen

4.1. Prestaties van junioren A/B, senioren en masters
4.1.1. Tijdmeting:
Voor afstanden tot en met 400 m geldt dat een geleverde prestatie alleen als clubrecord kan worden erkend als de gelopen tijd is vastgesteld aan de hand van elektronische tijdwaarneming. Voor afstanden langer dan 400 m wordt geen verschil gemaakt tussen handtijd en elektronische tijd.
4.1.2. Windmeting:
Voor afstanden tot en met 200 m, alsmede voor verspringen en hinkstap-springen, geldt dat een prestatie alleen als clubrecord kan worden erkend als het gemeten windvoordeel niet meer is dan 2 m/sec.
Voor de overige onderdelen vindt geen windmeting plaats.
4.1.3. Meerkampen:
Bij meerkampen geldt dat een prestatie alleen als clubrecord kan worden erkend als voor alle afzonderlijke onderdelen aan de recordvoorwaarden is voldaan, behalve dat op de onderdelen waar de windsnelheid moet worden gemeten, ten minste aan één van de volgende eisen moet worden voldaan:
a. de windsnelheid mag bij geen van de afzonderlijke onderdelen de + 4 m/sec te boven gaan;
b. de gemiddelde windsnelheid (gebaseerd op de som van de windsnelheden, gemeten bij elk afzonderlijk onderdeel, gedeeld door het aantal gemeten onderdelen) mag niet meer zijn dan + 2 m/sec.
4.1.4. Bestaande records zonder elektronische tijd- en of windmeting:
Bestaande records hoeven niet aan de voorwaarden voor tijd- en windmeting te voldoen. Deze records worden geacht te zijn geëvenaard als de elektronische tijd voor afstanden tot 400 m 0,24 sec en voor 400 m 0,14 sec hoger is dan de handtijd. Indien de verschillen kleiner zijn, is sprake van een verbetering van de records.
4.2. Prestaties van pupillen en junioren C/D
Aan de prestaties van pupillen en junioren C/D worden geen eisen qua tijd- en windmeting gesteld. Voor de vergelijking van elektronische tijden en handtijden gelden de correctiefactoren als genoemd onder 4.1.4.
4.3. Elektronische tijden worden vermeld met twee decimalen, handtijden met één decimaal, overeenkomstig het gestelde in het wedstrijdreglement van de Atletiekunie*.

5. Aanvraag- en erkenningsprocedure

Een atleet die een door hem geleverde prestatie als clubrecord erkend wil zien, dient daartoe een aanvraag in via een op de website geplaatst formulier. Voor junioren C/D en pupillen kan de aanvraag namens hen worden gedaan door de trainer / begeleider of één van de ouders.

6. Clubrecordcommissie

6.1. AV Castricum kent een Club- en baanrecordcommissie. Deze commissie bestaat uit maximaal drie leden, allen lid van AV Castricum, die door het bestuur worden benoemd voor een periode van drie jaar. Aftredende leden kunnen direct worden herbenoemd.
6.2. De commissie heeft ten aanzien van de clubrecords als taak:
– te beslissen of een geleverde prestatie als clubrecord kan worden erkend;
– de nieuw erkende clubrecords te publiceren op de website en in het clubblad;
– van elk clubrecord de wedstrijduitslag van het onderdeel waarop de prestatie is geleverd te archiveren.
6.3. Indien de commissie besluit een aanvraag af te wijzen, stelt zij de atleet hiervan schriftelijk en met redenen omkleed op de hoogte. Daarbij vermeldt zij dat de atleet de mogelijkheid heeft binnen vier weken bezwaar te maken bij de commissie. De commissie besluit daarop binnen vier weken of zij bij haar beslissing blijft of deze herroept en de prestatie alsnog als clubrecord erkent.
6.4. De commissie is bevoegd een prestatie waarvoor geen aanvraag tot erkenning is ingediend, maar die overigens voldoet aan alle in dit reglement gestelde vereisten, te erkennen als clubrecord.
6.5. De commissie bevordert het opstellen van jaar- en allertijdenranglijsten.
6.6. De commissie publiceert in maart en oktober een overzicht van de nieuw gevestigde clubrecords van respectievelijk het indoor- en outdoorseizoen.

7. Onvoorzien

In gevallen waarin dit reglement (nog) niet voorziet, beslist de club- en baanrecord-commissie.

* Het wedstrijdreglement van de Atletiekunie is te vinden via: https://www.atletiek.nl/sites/default/files/userfiles/Subsites/NK-Indoor-Meerkamp/WR%2012%20%2815-11-30%29.pdf

Reacties zijn gesloten.